‘wa’

Ik zit met mijn rug tegen het korte stukje muur tussen living en keuken. Eén bil op de koude vloer, één bil op het parket. Finn staat te koken, ik kijk. Oven open, potje erin, oven toe. ‘Wa.’

terug naar start.

Tom, Mini, me

Eerlijk: ik ben eventjes de weg kwijt. Ik wil alles tegelijk en alles voelt verkeerd. Vies, vuil, vervelend. Van ‘hallo e-team, daag zelfbeeld’. Soit, ik loop tegen mezelf aan. Over opnieuw beginnen en snelle pasta met berloumi.

Straks, dan.

Breakfast bowl met cacao en banaan

In de nieuwe realiteit hobbel ik enkelloos van bed naar toilet, van keuken naar terras, van terras naar gelegenheidsbureau, en dan eens over het veld dat gisteren een tuin was. Vandaag zijn enkels overrated. Hier alvast twee ontbijtjes waar je er geen voor nodig hebt.

Prenatale les.

Mijn voorbereidende lessenreeks is dan toch gestart. Vroeger dan verwacht. Langer. Intiemer. En de therapeut is een eigenwijs bazeke. Terwijl ik met één hand op mijn buik zijn grillen volg, roer ik met de andere een pot pure chocolade glad. Babyfulness en mindfulness tegelijk.

Storm op zee

Buiten is de storm gaan liggen, vanbinnen woedt hij hoe langer hoe heviger. Rukwinden vanaf 80 km/h. Dit is pas voorpret. Over woeste bellen, dito buiken en de homemade shampoobar van Marion.

Over rituelen

Makkelijke lunchgerechten

Notenpasta. Paprikaspread. Tomatensalade. Hartverwarmende wortelsoep. En homemade loempia's, huj, huj, huj. Bij wijze van middagritueel gooi ik deze laid-back lunch op de blog. Omdat ik laid-back nu wel kan smaken en de lunch genoeg tijd (lees: restjes) oplevert om een heleboel nieuwe rituelen te proeven.

Afternoon. Tea?

Vegan chocolate chip cookies

Drie weken na onze tocht in de West Highlands ruiken onze trekschoenen nog altijd naar avontuur. Uit heimwee naar 'Shotse shapen', namaaltijdlijks boeren, wildplassen, een hand langs de mijne, rust in mijn hoofd en een landschap uit de films bak ik een nieuwe lading vegan chocolate chip cookies. Voor bij onze afternoon tea.

Woensdag.

Batterijen opladen op woensdag

Of ik mijn batterij kan opladen? En ik twijfel of hij het letterlijk dan wel figuurlijk bedoelt. ‘Ja’, zeg ik over de batterij in mijn fiets. Na twaalf kilometer was ze platterdanplat.